Shabbat · 20. Dieren
10. Het vangen en doden van slangen, schorpioenen, muggen en andere ongedierte
Levensgevaar gaat boven Shabbat. Daarom mogen dieren die het menselijk leven waarschijnlijk in gevaar brengen, zelfs op Shabbat worden gedood, zoals giftige slangen en schorpioenen. Zelfs als men er niet zeker van is of een bepaald dier giftig is, mag hij het doden. Evenzo mag een gevaarlijke hond of een dol dier worden gedood.
Het is op Shabbat verboden dieren te doden waarvan de beten veel pijn doen maar niet levensbedreigend zijn. Dit geldt voor slangen en schorpioenen die beslist niet giftig zijn. Het is alleen verboden hen te doden op de wijze waarop men hen door de week zou doden, dus mag men hen al lopend doden; men loopt in hun richting en stapt al lopend op hen en doodt hen. De reden voor deze ontheffing is dat het op destructieve wijze doden van een dier, wanneer men geen enkel nut heeft van het kadaver, slechts rabbijns verboden is. Dus, om groot lijden te voorkomen, hebben de Wijzen toegestaan zulke dieren al lopend te doden. Het is echter verboden hen rechtstreeks te doden, uit bezorgdheid dat mensen zullen concluderen dat men dieren zelfs mag doden wanneer er geen vrees bestaat dat zij schade zullen veroorzaken. Als zulke dieren een persoon achtervolgen, mogen zij zelfs zonder een shinui worden gedood.
Zelfs als zij niemand achtervolgen, mag er een houder over hen heen worden geplaatst om de dreiging te neutraliseren. Dit hoeft niet met een shinui te worden gedaan, omdat het doel van de persoon niet is hen te vangen, maar slechts hen ervan te weerhouden te steken of te bijten (SA 316:7; MB ad loc. 27).
Dieren waarvan de steken niet zo pijnlijk zijn, zoals muggen en vlooien, mogen op Shabbat op geen enkele wijze worden gedood. Als de mug of vlo aan iemands huid kleeft en niet kan worden verwijderd zonder te worden vastgepakt, hebben de Wijzen toegestaan haar vast te pakken om haar te verwijderen. Dit op voorwaarde dat hij haar niet doodt of zelfs maar samenknijpt, hetgeen haar zou kunnen doden. Hoewel het vastpakken van een dier zonder de bedoeling het te gebruiken rabbijns verboden is, waren de Wijzen hier soepel aangezien het doel is lijden te voorkomen (SA 316:9). Wie een vlo wil vastpakken en haar onder zijn kleding vandaan wil verwijderen in plaats van van zijn huid, hoeft daarvan niet te worden weerhouden (MB 316:37; SHT ad loc. 63).
Als er muggen of ander ongedierte in een kamer zijn, mag men insecticide spuiten om hen te verdrijven, zolang hij maar niet rechtstreeks op de beestjes spuit en een raam openlaat waardoor zij kunnen ontsnappen. Op deze manier zal hij er niet noodzakelijkerwijs een doden. Men mag echter niet rechtstreeks op hen spuiten of spuiten op een plaats waar zij geen ontsnappingsmogelijkheid hebben, omdat hij hen dan beslist zal doden en een verbod zal overtreden (Yabi'a Omer 3:20; zie SSK 25:6).
Men mag op Shabbat vloeibaar muggenwerend middel aanbrengen, maar geen zalf (zie hierboven, 14:5).
Men mag tabletten plaatsen in een stekkerapparaat dat een verwarmingselement bevat dat de tabletten doet opwarmen en een muggenwerende damp doet vrijkomen. Het is gepast de tabletten op een korte afstand van het verwarmingselement te plaatsen zodat zij niet de temperatuur van yad soledet bo bereiken, wat een probleem van Bishul zou kunnen opleveren (Ha-ĥashmal Ba-halakha deel 2, p. 364; hierboven 10:4). Als men er echter niet zeker van is of de tabletten yad soledet bo zullen bereiken, mag hij hen plaatsen.