Shabbat · 15. Boneh en Soter

10. Meĥatekh

De melacha van Meĥatekh is instrumenteel bij het transformeren van grondstof tot huizen, voorwerpen, kleding, enz. Als men bijvoorbeeld leren kleding wil maken, moet hij eerst het leer op de juiste maat snijden. Als men een huis wil bouwen, moet hij de stenen, het metaal en de panelen op de juiste maat snijden. Als men een raam wil installeren, moet hij het glas op de juiste maat snijden. Het algemene principe is dat iemand die op Shabbat iets op een specifieke maat snijdt, het Tora-verbod van Meĥatekh overtreedt. Evenzo is het volgens de Tora-wet verboden om het zachte deel van veren af te snijden teneinde kussens en dekens te maken, aangezien men precies tussen het harde en zachte deel moet snijden (Shabbat 74b). Dit is het onderscheid tussen Meĥatekh en Kore’a: het primaire doel van Kore’a is het scheiden van twee afzonderlijke delen, terwijl het primaire doel van Meĥatekh is om met precisie te snijden teneinde iets nieuws te creëren.

De melacha van Meĥatekh is niet van toepassing op voedsel. Daarom mag men een cake in gelijke stukken snijden. Evenzo mag men groeven in een sinaasappel snijden teneinde hem te schillen. Pillen en zetpillen die door zieke mensen worden gebruikt, worden voor dit doel ook als voedsel beschouwd, en mogen worden doorgesneden waar ze van een breukgleuf zijn voorzien (SSK 33:4).

Voorwerpen die dieren zouden consumeren, worden als voedsel beschouwd en zijn dus niet onderworpen aan Meĥatekh. Daarom mag men een mes gebruiken om stro of hooi te snijden om als tandenstoker te gebruiken. Men mag echter geen tandenstoker maken van hard hout. Aangezien het oneetbaar is voor dieren, vormt het op maat snijden ervan Meĥatekh: indien met behulp van een gereedschap, overtreedt men een Tora-verbod, en indien met de hand, wat als een shinui wordt beschouwd, een rabbijns verbod (Beitza 33a-b; MT 11:7; SA 322:4; MB 322:13, 18).

Men mag geurende takken van hard hout die vóór Shabbat werden geoogst nemen en ze bijsnijden of wrijven zodat hun aroma zich verspreidt. Men mag ze ook in kleinere stukken breken zodat meer mensen eraan kunnen ruiken. Hoewel de takken hard zijn en dieren ze niet zouden eten, mag men ze breken, aangezien de grootte van de stukken er niet toe doet. Men mag dit alleen doen op voorwaarde dat ze met de hand worden gebroken. Als hij een gereedschap gebruikt, zijn we bezorgd dat hij het zal vergeten en een tandenstoker zal maken, en daarmee de Tora-wet zal overtreden (Beitza, loc. cit.; SA 322:5; MB ad loc. 17-18; Rema 336:8).