Shabbat · 17. Elektriciteit en elektrische apparaten

02. Is het gebruik van elektriciteit een Tora-verbod of een rabbijns verbod?

Men mag op Shabbat geen elektrische apparaten en toestellen activeren, zoals telefoons, microfoons, alarmen, deurbellen, ventilatoren, airconditioners en computers. Ook als deze apparaten geen gloeidraad of verwarmingselement bevatten en geen van de 39 melachot verrichten, is het nog steeds verboden ze op Shabbat te gebruiken. De Aĥaroniem zijn het er echter niet over eens of het verbod door de Tora-wet of rabbijns is.

Sommigen stellen dat het gebruik van elk elektrisch apparaat het Tora-verbod van Mav'ir overtreedt. Zij stellen dat elektriciteit dezelfde status heeft als vuur, aangezien het, net als vuur, energie en kracht bezit die benut kunnen worden. Rav Kook geeft de voorkeur aan dit standpunt en betoogt dat het wezenlijke aspect van vuur niet zijn voorkomen is, maar veeleer zijn vermogen om te verlichten, te verwarmen en kracht te leveren. De Wijzen stellen immers dat er verschillende soorten vuur bestaan (Yoma 21b), waaronder sommige die niet branden en verteren. Een voorbeeld hiervan is het vuur dat Moshe bij de brandende braamstruik zag (Rav Kook, Oraĥ Mishpat §71). R. Uziel is het met deze benadering eens en voegt eraan toe dat het inschakelen van elektriciteit ook verboden is als een vorm van Metaken Mana, aangezien het activeren van een elektrisch apparaat het bruikbaar maakt (Mishpetei Uziel, OĤ 2:36:2). Ĥazon Ish (OĤ 50:9) stelt dat het inschakelen van een elektrisch apparaat verboden is op grond van Boneh, omdat het sluiten van een circuit een kli schept: wanneer er elektriciteit door een toestel stroomt, komt een elektrische draad daarin tot leven en activeert het toestel. Aldus bouwt iemand die een circuit sluit een gebruiksvoorwerp, en iemand die een circuit verbreekt sloopt het.

Velen stellen daarentegen dat het gebruik van elektrische apparaten die geen gloeidraad bevatten en geen van de 39 melachot verrichten, slechts rabbijns verboden is, aangezien het als een doordeweekse activiteit wordt beschouwd. Daarnaast stellen sommigen dat het inschakelen van apparaten verboden is omdat het op Shabbat een nieuwe entiteit schept (Molid), aangezien het een nieuwe elektrische stroom in de draden creëert (Beit Yitzĥak). Er is geen Tora-verbod in het geding, omdat er geen "vuur" is in apparaten zonder gloeidraad. Er is geen probleem van Boneh, omdat een elektrisch circuit niet als een kli kan worden beschouwd, dat wil zeggen een gebruiksvoorwerp of vat. Dit is de opvatting van R. Shlomo Zalman Auerbach (Minĥat Shlomo 1:9-12) en R. Eliezer Waldenberg (Tzitz Eliezer 1:20:10).

In de praktijk geven wij le-khatĥila de voorkeur aan de opvatting dat het gebruik van elektriciteit een Tora-verbod is. In tijden van nood, wanneer er bijkomende redenen zijn om soepel te zijn, steunen wij op degenen die menen dat het gebruik van elektriciteit slechts een rabbijnse overtreding is.[1]


[1]. Volgens Rav Kook is het gebruik van elektriciteit verboden op grond van Mav'ir. Daarom mag men niet in een microfoon spreken, aangezien dit de elektrische stroom verhoogt. Zijn responsa over dit onderwerp zijn niet zo bekend, aangezien Responsa Oraĥ Mishpat, waarin zij verschijnen (§70-71), in 1979 werd gedrukt, dertig jaar na de voornaamste debatten onder de hedendaagse Aĥaroniem. In die tijd neigde Ĥazon Ish ertoe te zeggen dat het gebruik van elektriciteit door de Tora-wet verboden is op grond van Boneh, maar velen waren het niet met hem eens, waaronder R. Shlomo Zalman Auerbach en R. Eliezer Waldenberg. Niettemin delen andere Aĥaroniem Rav Kooks opvatting dat het verbod op elektriciteit te wijten is aan Mav'ir. Onder hen zijn Mishpetei Uziel, OĤ 2:36:2; Yaskil Avdi 5:38; Brit Olam, Ha-mav'ir Ve-hamekhabeh 1; R. Yosef Messas' Responsa Mayim Ĥayim, OĤ §134. Zie ook het lemma over "ĥashmal" in de Encyclopedia Talmudit, dat zich richt op de opvattingen die het oneens zijn met Ĥazon Ish en stellen dat het verbod rabbijns is. Men moet zich ervan bewust zijn dat volgens Ĥazon Ish, als een apparaat al aan staat, het verhogen van de stroom om het vermogen van het apparaat te versterken niet door de Tora-wet verboden is. Volgens Rav Kook echter, die meent dat het gebruik van elektriciteit verboden is vanwege Mav'ir, is het verhogen van de stroom eveneens door de Tora-wet verboden. Veel hedendaagse autoriteiten aanvaarden de opvatting van R. Shlomo Zalman Auerbach dat er geen Tora-verbod betrokken is bij het gebruik van elektriciteit. Niettemin houden zij le-khatĥila nog steeds rekening met de opvatting die stelt dat het door de Tora-wet verboden is (zie Yabi'a Omer 1:20; Minĥat Yitzĥak 2:112; en vele bijkomende werken). Igrot Moshe (OĤ 3:42, 3:55, en 4:84) stelt dat de status van het verbod onduidelijk is. In de praktijk verhouden velen, hoewel zij stellen dat het verbod op het gebruik van elektriciteit in beginsel rabbijns is, zich tot het verbod op het inschakelen van elektrische apparaten alsof het door de Tora-wet verboden was. Dus zelfs in gevallen van onzekerheid en in gevallen waarin elektriciteit nodig is omwille van een mitswa, om een aanzienlijk verlies te voorkomen, of om iemand te helpen die door een lichte ziekte gehinderd wordt, zijn zij niet soepel en verbieden zij het gebruik van elektriciteit via een niet-Jood of wanneer geactiveerd met een shinui, ondanks het feit dat elk van deze scenario's een shvut di-shvut zou vormen (zie hierboven 9:11). Alleen in gevallen van werkelijke noodzaak houden zij rekening met de opvatting dat het verbod rabbijns is. Daarom kunnen deze apparaten alleen op Shabbat worden gebruikt als zij vóór Shabbat zijn aangezet. In tijden van werkelijke noodzaak kunnen zij worden gebruikt via grama (hierboven 9:9), wat betekent dat iemands handelingen het apparaat niet rechtstreeks of onmiddellijk zullen doen aangaan. Voorbeelden van het toegestane gebruik van elektriciteit op Shabbat zijn het dragen van een gehoorapparaat (paragraaf 3 hieronder) en het aanpassen van de instelling van een tijdschakelaar (zoals hieronder uitgelegd in n. 6). Voor apparaten die normaal lijken te werken maar een ingebouwd grama-mechanisme hebben, zie paragraaf 18 hieronder. Betreffende het gebruik van computers, zie hieronder 18:1 en Harĥavot.