Shabbat · 05. Tora-studie en gebed op Shabbat

15. Het gebruik om zijn rabbi "Shabbat Shalom" te wensen

"R. Yitzĥak verklaarde: Men moet zijn rabbi op de drie pelgrimsfeesten bezoeken" (RH 16b). Dit is om zijn band met de rabbi te versterken, met als gevolg dat hij zijn toewijding aan Tora en mitswot zal versterken. Het is zeer gepast om op de heilige dagen zijn band te versterken met hen die dragers van Tora zijn. Inderdaad, het is een eeuwenoud gebruik om dit te doen, zoals wij zien uit de woorden van de echtgenoot van de Sjunamitische vrouw. Toen hij zijn vrouw op een doordeweekse dag op weg zag gaan om Elisha de Profeet te bezoeken, vroeg hij: "Waarom ga je vandaag naar hem toe? Het is Nieuwe Maan noch Shabbat" (2 Melakhim 4:23). Dit impliceert dat zij op Rosh Ĥodesh en Shabbat wél naar de profeet ging (van wie het huidige equivalent de rabbi zou zijn).

De Rishonim leggen uit dat de precieze afbakening van deze mitswa afhangt van de geografie. Als iemand ver van zijn rabbi vandaan woont, moet hij hem op zijn minst op de drie feesten bezoeken, zoals R. Yitzĥak verklaarde. Iemand die dichterbij woont, dient hem ten minste eenmaal per maand te bezoeken. Iemand die heel dichtbij woont, moet hem elke Shabbat bezoeken (gebaseerd op Rabbeinu Ĥananel en Ritva; zie BHL 301:4 s.v. "lehakbil"). Op grond hiervan is het gebruik tegenwoordig om aan het einde van de gebeden naar de plaatselijke rabbi toe te gaan en hem "Shabbat Shalom" te wensen. Het lijkt erop dat degenen die de drasha van de rabbi gaan beluisteren, eveneens worden gerekend tot degenen die hem gaan bezoeken.

R. Yehuda Kook legde uit dat ook al zijn vrouwen niet verplicht om alle details en nuances van de Tora te bestuderen, hun algemene houding tegenover de Tora en tegenover hen die haar bestuderen beter is dan die van de mannen. Het is een feit dat God Moshe, voordat de Tora bij de Sinaï werd gegeven, gebood om eerst de vrouwen toe te spreken en pas daarna de mannen, zoals geschreven staat: "Zo zult gij zeggen tot het huis van Yaakov en verkondigen aan de kinderen van Israël" (Shemot 19:3). "Het huis van Jakob" verwijst naar de vrouwen, terwijl "het huis van Israël" naar de mannen verwijst (Mekhilta).

Het is dan ook geen toeval dat de mitswa om zijn rabbi op Shabbat en feestdagen te bezoeken, wordt afgeleid uit het handelen van de Sjunamitische vrouw. Want het lijkt erop dat de algemene houding van vrouwen tegenover de Tora dieper is dan die van de mannen. De mannen houden zich meer bezig met de details van de wetten en geboden van de Tora, terwijl vrouwen zich meer verbinden met de algehele geest van de Tora (Peninei Halakha: Women's Prayer hfdst. 3 en 7:2).